rbo

Hoe ziet de arbeidsmarkt van de toekomst eruit? Blijft er werk voor iedereen? Hoe waarderen we werk en moet je eigenlijk werken voor je geld? Boeiende vragen die werden beantwoord in de lezingenreeks “Werk in de toekomst” van Studium Generale. Feit blijft dat niemand in die toekomst kan kijken, maar ik wil mijn eyeopeners uit deze reeks lezingen graag met jullie delen.

Paul Schnabel - Blijft er werk voor iedereen?

Het viel mij eerlijk gezegd nog mee, 71% van de werkenden is in vaste dienst. De overige zitten in een flexibele arbeidsrelatie. Dat zijn dan wel vooral lager opgeleiden en jongeren (tot 45 jaar). Lastige is dat deze groep zich nauwelijks verder ontwikkelt, er wordt weinig in hun geïnvesteerd. En wist u dat één op de vier huishoudens in Nederland op dit moment een pensioenhuishouden is? Onze levensverwachting groeit elke week met ongeveer een dag. Ons aller Hendrikje van Amstel was de eerste Nederlander die maar liefst 50 jaar van haar pensioen heeft genoten. Maar er zullen, zelf met een verhoogde pensioenleeftijd, meer overgrootopa’s en -oma’s volgen.

We hebben dus met aanzienlijk minder mensen aanzienlijk meer werk te verzetten. Zou je denken. Maar is dat ook echt zo? Schnabel denkt van niet. Hij maakt onderscheid tussen lagere, midden en hogere functies. Hij verwacht dat de lagere beroepen ongeveer gelijk blijven, bijvoorbeeld in beveiliging en schoonmaak. Het wordt wel steeds meer uitgevoerd door hoger opgeleiden. Bij de midden functies ontstaat krimp, bijvoorbeeld in administratie en retail. Digitalisering is daar debet aan. Daarvoor in de plaats komt de vraag naar ambachtelijkheid, echt goed zijn in je vak. Hogere functies blijven maar er komt minder zekerheid en meer onderling verschil. Schnabel: “Om op dezelfde plaats te blijven, zullen we steeds harder moeten lopen.”

Rene ten Bos - De waarde van werk

Ten Bos vervolgde met een geschiedenisles over de verschillende manieren waarop er in het verleden tegen werk aan werd gekeken. Via de slavernij kwamen we bij de overtuiging dat je niet moest werken omdat je dan te weinig tijd had om te bidden en te mediteren. In de 17e eeuw was er de overtuiging dat werken hielp tegen droefgeestigheid. Men geloofde toen ook dat seks het medicijn was tegen hysterie bij vrouwen. Een bijzondere tijd.. Met het ontstaan van de industrialisering ging het welvaartspeil in eerste instantie omlaag. Er was een duidelijk verschil tussen de doelen en het succes van bezitters van de arbeid en de uitvoerders van die arbeid. Frederik Taylor wilde de afstand tussen arbeid en kapitaal kleiner maken door harmonie en consensus te creëren. De neo-Taylorisering zet nog steeds door. Hoe kijken we nu dan tegen werk aan? Tegenwoordig is arbeid in de ogen van velen bijna de vervulling van het menselijk leven.

Ten Bos voorziet daarin een probleem. Want hij gelooft dat er in de toekomst niet voldoende werk is voor iedereen. En dat vraagt om een verandering in onze basishouding ten opzichte van werk. Het hebben van werk kan dan niet gelijk gesteld worden aan het leiden van een goed, nuttig leven.

Rutger Bregman - Je moet werken voor je geld

Als afsluiter van de reeks gaf Rutger Bregman een inspirerend betoog in over het basisinkomen. Voor mij is dat basisinkomen een gevalletje klok en klepel, hoe zit het nou precies?

In het kort. Het basisinkomen heeft 3 karakteristieken; het is universeel, dus iedereen krijgt het, het is onvoorwaardelijk, je mag er dus mee doen wat je wilt, en het is genoeg om van te leven. In Nederland komt dat op zo’n € 1.000 per maand. Dat basisinkomen gaat er sterk vanuit dat mensen willen werken. Ze gaan dus niet, niet werken als ze geld te besteden hebben. Juist omdat mensen werken om zich goed te voelen en ergens bij te horen.

Bregman had nog een tweede argument voor het basisinkomen. Arme mensen maken slechtere keuzes. Uit onderzoek blijkt dat armoede je 13 tot 14 IQ punten kost. Dat komt overeen met een nacht niet slapen of een alcoholprobleem. In Nederland leven op dit moment 400.000 kinderen onder de armoedegrens. Dat kost veel geld, aan gezondheidszorg, aan criminaliteit, allerlei kosten die hoger zijn voor mensen die in armoede leven. Die kosten komen op 1% van het BBP, dus op 6 miljard. Er is berekend wat het kost om armoede uit te roeien, dat komt op 2,2 miljard per jaar.

Waarom is het dan nog niet opgelost? Dat zit hem volgens Bregman in onze overtuiging dat je moet werken voor je geld. Die overtuiging is zo groot dat we niet kunnen accepteren dat gratis geld zichzelf terugverdient. Juist in een tijd waarin Trump president van Amerika wordt en de Britten uit de EU stappen is het tijd voor iets nieuws, voor een positief mensbeeld, het basisinkomen zou daar aan kunnen bijdragen. Er zijn al verschillende pilots in Nederland gaande, waaronder eentje in Groningen.

Dus hoe zit het nu met die arbeidsmarkt van de toekomst?

Conclusie van deze lezingen is in ieder geval dat er van alles verandert op de arbeidsmarkt. Dat er steeds meer mensen flexibel werken en dat dit een trend lijkt die niet gaat keren. Maar dat onze maatschappij wel heel erg is ingericht op vaste aanstellingen. Daar moet iets gebeuren. De geschiedenis leert dat de waarde die werk heeft kan veranderen, dat is al vaker gebeurd. Dit is hét moment om zo’n verandering in te zetten. Als er niet voldoende werk is voor iedereen kun je mensen niet veroordelen als ze geen werk hebben. En tenslotte, in lijn met de waarde die we hechten aan werk, moet iedereen ook echt werken voor zijn geld? Ik vond het verhaal van Bregman erg inspirerend, waarom niet kiezen voor een positieve insteek, voor vertrouwen op de wil van mensen om zich nuttig te voelen en dus te werken. Ik wacht de uitslagen van de pilots met het basisinkomen vol verwachting af.

Meer weten?

De lezingen van Studium Generale worden opgenomen. Een overzicht vind je hier:

http://sggroningen.nl/nl/lezing-gemist

Margreet Tijms

Dit blogartikel is geschreven door onze adviseur Margreet Tijms.
Meer weten? Neem dan contact op via 050-5262900 of m.tijms@rbo.nl