In het kader van de sectorplannen hebben diverse opleidingsfondsen zich inmiddels voor ondersteuning tot RBO gewend. Bij opleidings- en ontwikkelingsvraagstukken en bij de inkoop van scholing voor medewerkers profiteren zij van een combinatie waarmee RBO zich als onafhankelijk intermediair onderscheidt: kennis van de complete scholingsmarkt en uitgebreide dienstverlening rond de administratieve afhandeling.

“We kunnen opleidingsfondsen en kenniscentra veel tijd en geld besparen”, legt Marieke Abbink, commercieel directeur bij RBO uit. “Tegelijkertijd staan we borg voor het kwalitatief beste en bij de opleidingsbehoefte meest passende aanbod. Wij zorgen er bovendien voor dat de wijze waarop de gelden voor sectorplannen worden ingezet, op de juiste wijze worden verantwoord.”

Een eerste belangrijke argument voor fondsen, bedrijven en instellingen om RBO in te schakelen, is de onafhankelijke positie op de scholingsmarkt. Marieke licht dat toe: “In de loop der jaren hebben we uiteraard een goed beeld gekregen van de prijs- en kwaliteitsverschillen van aanbieders, maar men kan geen ‘preferred supplier’ van ons worden. Het komt natuurlijk voor dat een opdrachtgever zelf een bepaalde voorkeur voor een leverancier heeft. Die nemen we dan in ieder geval mee in onze drie-offertevergelijking.”

Vraag van opdrachtgever is leidend, niet het scholingsaanbod

“Voordeel voor landelijk opererende organisaties is dat wij eveneens landelijk opereren. Wij kennen de complete onderwijsmarkt, ook in de regio’s. Waar mogelijk, bevelen we een aanbieder in de buurt van de cursist aan, zodat de reistijd beperkt blijft. Dankzij onze brede kennis van de markt kunnen we flexibel inspelen op de vraag naar bijvoorbeeld groeps- of juist individueel onderwijs, een verkorte opleiding, avondonderwijs of een combinatie van contactonderwijs en e-learning. De vraag is leidend, niet het aanbod.”

Gevarieerd instrumentarium gericht op loopbaanontwikkeling

Voor duurzame inzetbaarheid - hoofddoel van alle sectorplannen - is (bij)scholing een belangrijk instrument, maar niet het enige. RBO voorziet daarom in een breder, aan de loopbaanontwikkeling gerelateerd instrumentarium. Marieke: “Werknemers kunnen bijvoorbeeld een persoonlijk adviesgesprek met onze adviseurs voeren. Ook kunnen zij alle relevante opleidings- en loopbaangegevens in een ePortfolio opslaan; een handig hulpmiddel bij functionerings-, loopbaan- of sollicitatiegesprekken. Daarnaast kan een beroep worden gedaan op ons eigen EVC Dienstencentrum, dat zorg draagt voor alles wat met het verwerven van een ervaringscertificaat verband houdt.”

Een overeenkomst en één aanspreekpunt voor het hele pakket

Opleidingsfondsen kiezen er vaak in eerste instantie voor om de inkoop van en dienstverlening rond scholing over meerdere percelen te verdelen. Door RBO in te schakelen, is dat niet nodig. “Nee, er hoeven niet meerdere samenwerkingsovereenkomsten te worden gesloten. Er kan worden volstaan met één en dat is wel zo praktisch. Voor alle aangesloten bedrijven zijn wij het aanspreekpunt voor het opleiden en trainen van medewerkers. En de fondsen zelf hebben één partner voor zowel onderwijs- en arbeidsmarktkwesties als subsidieregelingen en subsidieadministraties.”

Bewaking van voortgang en kwaliteit

RBO is zelf geen aanbieder van scholing, maar biedt wel al die diensten aan die van aanbieders worden verlangd.  “Namens onze opdrachtgever onderhouden wij het contact met de onderwijsinstellingen. Wij bewaken de voortgang van de individuele scholingstrajecten en op verzoek zorgen wij dat er een aanwezigheidsregistratie wordt bijgehouden. Dit doen we om uitval te voorkomen en om de kans op een succesvolle afronding te vergroten. Onze opdrachtgevers ontvangen elk kwartaal een rapportage, waar mogelijk met een overzicht van behaalde resultaten. De eindrapportage gaat vergezeld van een kopie van het diploma of certificaat. Omdat we zelf geen scholing aanbieden en omdat we onafhankelijk zijn, kan de opdrachtgever bij ons vertrouwen op een objectieve kwaliteitsbewaking van aanbod en aanbieder. Aanbieders moeten hun kwaliteiten keer op keer aan ons bewijzen. Resultaten uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst, om het zo maar te zeggen.”

Administratieve en financiële afhandeling van a tot z

Wat houdt de administratieve en financiële ondersteuning door RBO zoal in? “Op basis van de aanvraag - die overigens via een beveiligde inlogprocedure rechtstreeks op onze website kan worden ingediend - selecteren wij drie passende aanbieders en vragen daar een offerte aan. Die offertes beoordelen we op prijs, kwaliteit, startmoment, opleidingsduur en locatie. Vervolgens brengen we een inkoopadvies uit. Dankzij onze sterke positie in de markt lukt het vrijwel altijd om scholingstrajecten binnen 30 dagen na goedkeuring in gang te laten zetten. Alle scholing kan (ESF-)subsidieproof worden ingekocht, zodat apart aanbesteden niet nodig is. Wij nemen de complete financiële afhandeling voor onze rekening: van het bewaken van factureringsafspraken, tot het controleren van facturen en het beoordelen en verwerken van declaraties.” 

Managementinformatie

“Zodra de opleiding bekend is, dragen wij zorg voor informatieoverdracht naar de cursist. Die heeft een vaste contactpersoon op onze helpdesk. In geval de cursist bijvoorbeeld verhuist, van opleiding wil switchen of de opleiding tijdelijk wil of moet onderbreken,  zoeken wij naar een oplossing. Werkgevers kunnen eveneens bij deze helpdesk terecht. Zoals gezegd, brengen wij rapportages aan het fonds uit. Bovendien voorzien we in belangrijke managementinformatie: alle gegevens over deelnemers, uitvoerders en scholingstrajecten leggen wij vast in een systeem dat verschillende filter- en rapportagemogelijkheden bevat. Het format stemmen we vooraf met de opdrachtgever af.”

Aanzienlijk minder rompslomp

Kunnen opleidingsfondsen en andere dragers van sectorplannen nog steeds bij RBO terecht? “Uiteraard”, zegt Marieke. “Wij informeren ze graag gericht over onze mogelijkheden en hopen ze van dienst te kunnen zijn in de vaak zeer omvangrijke en ingewikkelde trajecten. Ervaring leert dat het voor de bureaumedewerkers van onze opdrachtgevers een uitkomst is dat wij ze zoveel tijdrovende rompslomp uit handen nemen. Ook zijn zij verlost van allerlei mogelijke juridische en financiële risico’s.”     

Voortgang sectorplannen

Op basis van het Sociaal Akkoord van de Stichting van de Arbeid hebben kabinet en sociale partners afspraken gemaakt, gericht op het voorbereiden van de arbeidsmarkt op de uitdagingen van de toekomst. Onderdeel van die afspraken is de cofinanciering van sectorplannen. In 2014 en 2015 heeft het kabinet daar in totaal € 600 miljoen voor beschikbaar gesteld. Sociale partners investeren zelf ten minste 50 procent. Op korte termijn is het doel om onmisbare vakkrachten te behouden voor de sector, door mensen die hun baan dreigen te verliezen naar een andere baan te begeleiden en jongeren via een leerwerkplek kansen te geven op de arbeidsmarkt. Op langere termijn is het doel om de werking van de arbeidsmarkt te verbeteren en bedrijven daarmee sterker uit de crisis te laten komen.

Inmiddels zijn er twee aanvraagtijdvakken geweest. Op 17 november heeft minister Asscher de Tweede Kamer per brief geïnformeerd over de voortgang. Daarin laat hij onder andere weten dat er 102 plannen zijn ingediend, waarvan 61 nu zijn goedgekeurd voor € 335 miljoen aan cofinanciering. Voor deze goedgekeurde plannen geldt dat er ruim 300 duizend deelnemers bij de maatregelen worden betrokken. De helft volgt bij- of omscholing gericht op vakspecifieke vaardigheden. Daarnaast wordt fors ingezet op het begeleiden naar ander werk binnen of buiten de sector van mensen die met werkloosheid worden bedreigd of inmiddels werkloos zijn. Sociale partners beogen ruim 40 duizend mensen naar een andere baan te begeleiden. Maatregelen ter bevordering van instroom hebben voornamelijk betrekking op het scheppen van extra leerwerkplekken; er worden de komende twee jaren zo’n 20 duizend extra leerwerkplekken gecreëerd.

Derde tijdvak

Het kabinet stelt € 150 miljoen beschikbaar voor aanvragen in het kader van de derde tranche sectorplannen. Begin december wordt de regeling gepubliceerd. Aanvragen kunnen worden ingediend van 15 januari 2015 tot en met 29 mei 2015. Cofinanciering kan worden aangevraagd voor maatregelen gericht op het stimuleren van de overgang van werk naar werk en van werkloosheid naar werk.

Tekst: Touché concept & copy
Foto: TechniekBeeldbank.nu